Web3 in de praktijk: voorbeelden en toepassingen
Alle theorie klinkt mooi, maar hoe uit Web3 zich nu al in de praktijk? Hieronder bespreken we een aantal concrete voorbeelden en toepassingen van Web3 die laten zien hoe deze nieuwe internetgeneratie werkt. Sommige van deze toepassingen zijn al operationeel, andere nog in ontwikkeling – maar samen schetsen ze een beeld van wat er mogelijk is in een Web3-wereld.
Cryptocurrencies en Decentrale Financiën (DeFi)
Cryptocurrencies zoals Bitcoin en Ethereum zijn waarschijnlijk de bekendste Web3-toepassingen. Ze fungeren als digitaal geld dat niet door een centrale bank wordt uitgegeven maar door een netwerk van computers wordt onderhouden. Met crypto kun je wereldwijd transacties uitvoeren in enkele minuten, 24/7, zonder afhankelijk te zijn van banken of betaaldienstverleners. Dit is al een enorme verandering op zich – bijvoorbeeld, als ondernemer kun je betalingen ontvangen van klanten aan de andere kant van de wereld zonder hoge transactiekosten of wachttijden die we bij traditionele banken kennen.
Bovenop cryptomunten is een heel ecosysteem van Decentralized Finance (DeFi) ontstaan. DeFi biedt klassieke financiële diensten aan, maar dan peer-to-peer en geregeld door code. Denk aan lenen en uitlenen: in plaats van een lening bij de bank, kun je via een DeFi-app lenen van een pool van individuele investeerders, met een slim contract dat de voorwaarden beheert (rente, onderpand, looptijd). Of decentrale beurzen (DEXs): dit zijn platforms waar je cryptomunten kunt ruilen zonder centrale beurs als Binance of Coinbase – de handel gebeurt direct tussen gebruikers via slimme contracten. Een voorbeeld is Uniswap, waar gigantische handelsvolumes volledig automatisch verlopen door middel van liquiditeitspools. Op het hoogtepunt werden via dergelijke DeFi-platforms dagelijks transacties ter waarde van meer dan $10 miljard verwerkt, wat aangeeft hoe snel dit fenomeen is gegroeid.
DeFi heeft ook concepten als yield farming (winst halen door liquiditeit te verschaffen en daarvoor beloningen in tokens te krijgen) en stablecoins (cryptomunten gekoppeld aan stabiele waardes zoals de dollar, om volatiliteit te omzeilen) voortgebracht. Voor gebruikers en bedrijven betekent dit dat je niet langer gebonden bent aan traditionele financiële tussenpersonen voor basale diensten. Je kunt sparen met hogere rentes, investeren in projecten wereldwijd, verzekeringen afsluiten die uitbetalen via een smart contract, en zelfs je eigen digitale geldstromen beheren zonder dat een bank meekijkt. Natuurlijk brengt dit ook verantwoordelijkheid met zich mee – jij bent immers zelf verantwoordelijk voor je wallet en beslissingen – maar het geeft een ongekende financiële autonomie.
NFT’s en digitale eigendommen
NFT staat voor non-fungible token, een unieke digitale token die eigendom van een specifiek item vertegenwoordigt. In tegenstelling tot bijvoorbeeld Bitcoin (waar elke bitcoin gelijk is), is elke NFT één van een soort. NFT’s hebben de afgelopen jaren de aandacht getrokken doordat ze digitale kunst en verzamelobjecten een markt hebben gegeven. Artiesten kunnen nu hun werken als NFT uitgeven, waardoor kopers een soort eigendomscertificaat van het digitale kunstwerk krijgen. Dit klinkt misschien vreemd – “een plaatje kopen dat ik ook kan downloaden?” – maar de blockchain bevestigt eigendom en schaarste, wat voor verzamelaars en fans waardevol is. Zo werd in 2021 een digitaal kunstwerk (een collage van Beeple) als NFT geveild voor $69 miljoen.
Maar NFT’s gaan verder dan kunst. Ze worden al gebruikt voor verzamelkaartjes, virtuele objecten in videogames (skin, wapens, land in virtuele werelden), muziekbestanden, lidmaatschapsbewijzen en zelfs echte goederen. Stel je een concertticket voor als NFT: het is uniek, je kunt het niet vervalsen (de blockchain registreert authenticiteit), en na aankoop kun je het doorverkopen waarbij de artiest eventueel automatisch een stukje meeverdient via het slimme contract. Voor bedrijven biedt dit kansen om nieuwe vormen van klantbetrokkenheid en verkoop te realiseren. Een lokaal museum zou bijvoorbeeld exclusieve digitale collectibles kunnen verkopen die fungeert als jaarabonnement, met mogelijkheid tot doorverkoop waarbij het museum provisie krijgt. Makers en merken experimenteren ook met NFT’s als loyalty programma: bijvoorbeeld een limited edition NFT die je krijgt als trouwe klant, die je speciale toegang of kortingen geeft.
Kortom, NFT’s brengen het bezit van digitale goederen naar de mainstream. In Web2 “huurde” je vaak als het ware digitale content (je hebt een licentie om een e-book te lezen, maar je kunt het niet echt doorverkopen). In Web3, dankzij NFT’s, kun je echt eigenaar zijn en alles wat daarbij hoort – inclusief het recht om te bewaren, te verkopen of ergens anders te gebruiken. Dit opent economische kansen in digitale domeinen die voorheen gesloten waren.
DAO’s en decentrale organisaties
DAO staat voor Decentralized Autonomous Organization. Dit is een nieuwe manier om organisaties, projecten of communities te structureren zonder centrale leiding. In een traditionele organisatie heb je vaak een hiërarchie en een bestuur of management dat beslissingen neemt. Bij een DAO gebeurt besluitvorming via slimme contracten en stemmen van deelnemers met tokens. Je kunt het zien als een coöperatie op steroïden: iedere tokenhouder kan in principe voorstellen doen en/of stemmen over voorstellen, en de regels voor hoe zo’n stemming verloopt liggen vast in code. Als een voorstel een meerderheid “ja” krijgt volgens de regels, wordt het automatisch uitgevoerd door het slimme contract.
DAO’s worden al voor van alles ingezet. Er zijn investerings-DAO’s waar leden geld in een pool stoppen en gezamenlijk beslissen in welke startups of cryptoprojecten te investeren. Er zijn ook DAO’s die dienen als gedecentraliseerde versie van een bedrijf: bijvoorbeeld een DAO die een softwareprotocol beheert – tokenhouders stemmen over updates, budgetten voor ontwikkelaars, marketinginitiatieven, etc. Zelfs voor goede doelen bestaan DAO’s, waarbij leden samen kiezen naar welke projecten donaties gaan. Het mooie is dat alle transacties (zoals toewijzing van fondsen) transparant op de blockchain staan, zodat er weinig ruimte is voor achterkamerpolitiek of verduistering.
Voor jou als ondernemer of professional kan het concept van een DAO interessant zijn als je bijvoorbeeld een community rond je product hebt. Je zou trouwe gebruikers inspraak kunnen geven via tokens, zodat zij mede richting bepalen – dit vergroot betrokkenheid enorm. Ook samenwerkingsverbanden tussen freelancers kunnen als DAO worden ingericht: stel, een collectief van ontwikkelaars besluit als DAO diensten aan te bieden, waarbij alle leden een eerlijk aandeel krijgen en besluiten democratisch nemen over tarieven of welke projecten aan te nemen. Natuurlijk zijn DAO’s nog nieuw en niet zonder uitdagingen (denk aan voldoende mensen die stemmen, of juist dat niet iedereen verstand van zaken heeft), maar ze vormen een prikkelend voorbeeld van hoe Web3 governance kan vernieuwen.
Decentrale opslag en infrastructuur
Web3 beperkt zich niet tot geld en organisaties; het pakt ook de onderliggende infrastructuur van het internet aan. Een voorbeeld is decentrale opslag. In plaats van al je bestanden op één cloudserver (zoals Google Drive of Dropbox) te zetten, bestaan er protocollen als IPFS (InterPlanetary File System) die files over een netwerk van computers distribueren. Elk stuk data krijgt een unieke hash (een soort digitale vingerafdruk) en kan door iedereen met die hash opgehaald worden van het netwerk. Dit zorgt voor een robuust systeem: als één computer uitvalt, is je bestand nog beschikbaar via andere. Bovendien bepaalt de inhoud de adressering (content-based addressing) in plaats van de locatie, wat betekent dat je altijd de juiste data krijgt zolang iemand ergens het aanbiedt, ongeacht de serverlocatie. Bedrijven als Filecoin combineren dit met blockchain door een marktplaats te maken voor opslag: mensen kunnen schijfruimte verhuren en krijgen betaald in tokens, en gebruikers betalen tokens om hun data te laten opslaan. Resultaat: een cloud die van iedereen is en niet platgaat als één bedrijf problemen heeft.
Een ander infrastructuurvoorbeeld is decentrale identiteit. In Web3 kun je een identiteit opbouwen die niet gekoppeld is aan één platform, maar die je zelf beheert en die door verschillende diensten erkend kan worden. Dit sluit aan bij wat eerder over privacy en gebruikerscontrole is gezegd. Er lopen initiatieven (zoals decentralized identifiers, DID) waarbij je bepaalde verificaties (zoals “18+”, “heeft diploma X behaald”) in een digitale identiteit kunt hebben, en alleen die specifieke info deelt als het nodig is, zonder al je persoonlijke data prijs te geven. Zo’n identiteit kan in een wallet of app zitten die jij beheert, en is niet afhankelijk van een centrale autoriteit zoals Facebook of de overheid, al werken overheden ook aan varianten van dit concept voor officiële documenten.
Daarnaast zijn er Web3-browsers (bijv. Brave) die standaard rekening houden met privacy en die integratie bieden met gedecentraliseerde netwerken, of nieuwe protocolen voor bandbreedte delen, streaming, etc., allemaal in lijn met het gedecentraliseerde gedachtegoed.
Wat al deze voorbeelden laten zien is dat Web3 een breed scala aan innovatie stimuleert. Van financiën tot opslag, van organisaties tot identiteit – stuk voor stuk worden de bestaande werkwijzen uitgedaagd en opnieuw vormgegeven met het idee “gebruikers centraal, tussenpartij eruit”. Hoewel niet al deze technologieën al volwassen zijn, kun je veel ervan nu al zelf uitproberen. Je kunt een crypto-wallet aanmaken en je eerste kleine hoeveelheid cryptocurrency versturen, een NFT kopen of minten, deelnemen aan een stemronde van een DAO, of een bestand delen via IPFS. Dit geeft je een idee van hoe een toekomstig web zou kunnen werken.